Samen met mijn collega Matthias maak ik regelmatig beslissingen die effect hebben op verschillende afdelingen binnen het ziekenhuis. Om deze effecten beter te kunnen overzien heb ik besloten om met verschillende onderdelen van Diospi Suyana mee te lopen. Mijn eerste aantal snuffelstages heb ik deze week doorlopen en het leek me leuk om jullie aan de hand van mijn ervaringen een inkijkje te geven in wat er zoal gebeurt bij Diospi Suyana.

Mediacentrum
Op dinsdagochtend ben ik bij het nieuwste project van Diospi Suyana langsgeweest, het mediacentrum. Hier is een klein team van 7 personen hard aan het werk om van 4 uur in de ochtend tot laat op de dag uitzendingen zowel via radio als via de televisie te verzorgen. Ik werd rondgeleid door de Peruaanse Doris Manco, de baas van dit geheel. De grote gedachte achter het mediacentrum is het uitdragen van een hoopvolle boodschap aan de bewoners van de Andes. De boodschap is dat de Jezus van wie de bijbel over spreekt van elke luisteraar en kijker houdt en er alles voor heeft over gehad om met hen in een relatie te kunnen zijn. Daarbij wordt er ook regelmatig verslag gedaan van nieuwswaardigheden in de regio, wordt relevante informatie over het ziekenhuis via deze media gedeeld en worden speciale uitzendingen verzorgd. Één daarvan stond onlangs in het teken van moederdag. Verschillende winkels uit Curahuasi hadden een kadopakket aangeboden en moeders uit Curahuasi konden bellen om zich aan te melden voor de loting waarbij deze pakketten zouden worden verdeeld. Vorig jaar meldden ongeveer 20 moeders zich aan, dit jaar ruim 230! Momenteel is Diospi Suyana radio en televisie alleen nog maar in Curahuasi te beluisteren en te bekijken. Er zijn echter ook antennes geplaatst bij Puerto Maldonado, Andahuaylas en op nog een paar plaatsen. Als het goed is kan het mediacentrum op die manier vanaf komende juni meer dan 500.000 Peruanen bereiken!

Mijn collega Matthias verzorgde de loting voor Moederdag

Jesus van het mediacentrum reikte op een later moment de prijzen uit

Traumatologie
Traumatologie klinkt natuurlijk niet erg gezellig. We zijn wel erg blij dat we als ziekenhuis een traumatoloog uit Duitsland in de gelederen hebben. Afgelopen woensdagochtend mocht ik meelopen met Tim Boeker en zijn Peruaanse arts in opleiding Silvia. Om 8 uur begonnen we met de bespreking die de artsen elke ochtend hebben om speciale casussen te bespreken en elkaars advies te vragen. Daarna kreeg ik mij een lange witte jas aangemeten en mocht ik met Tim en Silvia mee op hun ronde. Hierbij bezochten we verschillende patiënten. Er waren er 2 met een gebroken sleutelbeen, 2 met bacteriële infecties in hun botten waarbij de bacteriën resistent waren tegen menig antibiotica, en señora M. Deze mevrouw had diabetes, reumatische artritis en had zoveel pijn in haar rechterknie (en been) dat Tim het been niet kon aanraken of de schreeuwde het zowat uit van de pijn. Deze vrouw zou iets later een operatie ondergaan, een operatie waarbij ik aanwezig mocht zijn. Niet lang daarna verruilde ik de lange witte jas voor groene kleding die gebruikelijk is in de operatiekamer.

Ik in operatiekleding. Een serieus gezicht maar dit was ook ná het meemaken van de operatie.

 De anesthesist was al bezig met señora M. toen ik de operatiekamer binnenkwam. Ze kreeg een ruggenprik want de traumatoloog Tim zou een kijkoperatie op de rechterknie gaan uitvoeren. De operatie begon met een kort gebed van Tim voor señora M. en het team. Ik zat gezellig mee te kijken toen de camera de knie in ging en de knie met flink wat vloeistof werd doorgespoeld om wat rommel weg te halen. Toen Tim vervolgens nog een gaatje maakte om wat spul uit de knie weg te kunnen halen spoot er vloeistof uit de knie, in het gezicht van de assisterende Silvia. Hoewel een operatie uiteraard een serieuze bezigheid is, was dit toch wel een grappig moment. Helaas bleek er meer mis te zijn in de knie en dus moest de knie worden geopend. Toen begon ik hem wel te knijpen want ik ben niet voor niets iemand die achter een computer werkt. Ik ben toch maar blijven kijken want daarvoor was ik toch ook juist weer gekomen. Het viel me allemaal nog niet tegen dus toen ik zo nu en dan werd uitgenodigd om iets van wat dichterbij te bekijken, kon ik dat doen zonder flauw te vallen. Helaas bleek er een sterke infectie in het been te zitten die niet tot de knie beperkt bleef. Zoveel infectie zelfs dat Tim zei dat het een wonder was dat de vrouw nog leefde. Om dit zoveel mogelijk op te schonen werd het been uiteindelijk nog verder onder handen genomen maar ik zal jullie hiervan de details besparen. Na de operatie vertelde Tim me dat ze vreesden dat ook deze bacteriën resistent waren dus dat ze meteen gingen beginnen met de sterkste antibiotica die wij tot onze beschikking hebben. Als antwoord op mijn vraag hoe groot de kans was dat het been van señora M. gespaard kon worden zij hij: 60%, en met gebed 80. Dus nu zijn we aan het bidden, als de dokter het zegt… Ik heb veel respect voor de artsen en het verplegend personeel dat deze operaties uitvoert! Ik kwam later op die dag de directeur Klaus tegen en ik heb hem verteld dat ik geen carrière als chirurg ambieer dus dat hij voorlopig nog op mij kan rekenen als vice administrador.

 Polikliniek
Op vrijdagmiddag was het tijd voor mijn 3e snuffelstage met één van onze huisartsen, de Amerikaanse Mark Gingerich. We hebben die middag een tiental patiënten gezien. Ik vond het een mooie middag omdat Mark veel direct contact had met de mensen waarvoor ook Vikki en ik hier zijn gekomen, de Quechua indianen. Dat gezegd hebbende is het me wel opgevallen dat een aantal van hen niet vies is van een beetje theater. Zo was er een vrouw van rond de 65 die al kauwgom kauwend naar Mark aan het luisteren was. Ze begon te vertellen over een bepaalde pijn die ze had in haar voet en dat ging gepaard met luide uitroepen in de trant van: Oh doctor!! met een van pijn vertrokken gezicht. Nadat ze even snel had gekeken of ik ook wel goed naar haar aan het kijken was verviel haar gezicht weer in de ongeïnteresseerde kauwgomkauwende positie. Aan het einde van haar afspraak gaf ze Mark een zakje met paranoten die ze speciaal voor hem had meegenomen. Later hoorde ik van Mark dat ze eigenlijk op 9 augustus een afspraak met hem had maar dat ze niet was komen opdagen. Ze had nu last van haar oog en was bij Ursula, de oogspecialist langsgegaan. Die had aan Mark laten weten dat zijn patiënt bij Diospi aanwezig was en heeft haar, met enige aandringen, richting Mark weten te bewegen. Bijzonder dus dat de vrouw die helemaal niet van plan was bij Mark langs te gaan, toch speciaal voor hem een zakje paranoten had meegenomen. Hoe dan ook, Mark lust geen noten dus ik zit nu te typen met een heerlijke versnapering naast me. Naast de aanleg voor wat theater heb ik wel echt goed kunnen zien welke patiënten bij Diospi Suyana aankloppen. Het zijn echt mensen met weinig financiële middelen die van ver komen omdat er bij hen in de buurt simpelweg geen (betaalbare) goede zorg te vinden is. 

De kamer van huisarts Mark

Komende maandag wordt ik om 06.00 bij de ingang van het ziekenhuis verwacht om te zien hoe de coupons die recht geven op een consult worden verdeeld onder de wachtenden. Sommigen van de Quechuas die ik maandagochtend zal zien zitten nu op zaterdagavond al voor het ziekenhuis te wachten…

Update baby Cusco
In het vorige bericht vertelde ik over mijn avontuur met de ambulance. De afgelopen weken ben ik meerdere malen zeer gefrustreerd geweest. Het kleine meisje dat we naar Cusco hadden gebracht had eigenlijk een dag later naar Lima moeten reizen om daar een hartoperatie te ondergaan. Steeds weer hoorden we echter dat ze nog in Cusco was. Ze wilden haar daar niet laten vertrekken omdat het meisje een longontsteking had. Het arme kind had dit echter al ongeveer vanaf haar geboorte en zonder de (relatief eenvoudige) hartoperatie zou ze niet genoeg kunnen aansterken om van deze longontsteking af te komen. De moeder had eerder al aangegeven enorm op te zien tegen het verblijf in het ziekenhuis van Cusco omdat ze haar dochter daar eerder al hadden opgegeven. Nu zat ze daar weer en ze kon niet weg. Een collega van Vikki heeft naar nog gebeld om wat over de situatie te praten en de moeder was ongeveer depressief en was niet in staat vragen normaal te beantwoorden. Het ziekenhuis in Cusco steeg nóg verder in mijn achting toen ik hoorde dat ze het armpje van het kleine meisje hadden verbrand. Blijkbaar is het bij bloedprikken bij kinderen normaal wat warm water te gebruiken om de aderen wat naar de oppervlakte te krijgen. In dit geval hadden ze echter kokend water gebruikt waardoor dit meisje nog weer wat te lijden kreeg. Je zou letterlijk bijna naar Cusco willen rijden om ze daar even flink de waarheid te vertellen. Maar we hebben dat ziekenhuis ook nodig dus dat gaat niet. Gelukkig weten wij dat de wonderen de wereld nog niet uit zijn en onlangs hoorden we dat het kindje na een verblijf van bijna 2 weken in Cusco dan toch aan was gekomen in Lima. Nu bidden we voor een goede operatie waarna het leven van dit kleine meisje hopelijk eindelijk echt kan beginnen.